De Moriaan uit het wapen van de familie Swarte
De genealogie-site van de familie Swarte - www.swarte.nl  
Zwarte lijn
< Vorige pagina
Aanstellinsbrief tot adspirant controleur bij
het binnenlands bestuur in Nederlands Indië.

(Zie ook de tekst onder de foto)

Aanstellinsbrief tot adspirant controleur bij het binnenlands bestuur in Nederlands Indië.

Bovenstaande afbeelding toont de kop van een driebladige aanstellingsbrief van de Minister van Kolonieën waarin Puck wordt aangesteld zodra hij zijn Indologische studie met goed gevolg heeft afgelegd. Onderstaande drie afbeeldingen zijn de gehele aanstellingsbrief. Daaronder de gehele tekst.

Aanstellinsbrief tot adspirant controleur bij het binnenlands bestuur in Nederlands Indië.Aanstellinsbrief tot adspirant controleur bij het binnenlands bestuur in Nederlands Indië.Aanstellinsbrief tot adspirant controleur bij het binnenlands bestuur in Nederlands Indië. 

DEPARTEMENT VAN KOLONIËN
Commissariaat voor Indische Zaken
Afdeling B. I . No 21.


DE MINISTER VAN KOLONIËN,

Gelezen enz.

HEEFT GOEDGEVONDEN:

10. Ten vervolge van de dezerzijdsche beschikking van 28 September 1937, Commissariaat voor Indische Zaken, Afdee-ling B, Eerste Bureau no 6, krachtens het "Besluit op de Indische Bestuursopleiding 1922", den heer

Hermannus Leonardus Swarte

geboren te 's-Gravenhage.

den 6 October 1918, te bestemmen voor den Indischen dienst ten einde, na één van de doctoraal-examens der Indologische studie met gunstig gevolg te hebben afgelegd, te worden uitgezonden naar Nederlandsch-Indië, om daar te lande te worden benoemd tot aspirant-controleur bij het Binnenlandsch Bestuur.

20. hem daarvan bij uittreksel dezer kennis te geren met Verdere mededeeling:

dat thans ten spoedigste zal zijn te verlijden de voorgeschreven notarieele schuldbekentenis, waarvoor dezer-zijds aan den door hem opgegeven notaris wordt verzocht het noodige te verrichten;

dat hij gerekend van 1 September 1937 in het genot wordt gesteld ven een studietoelage naar reden van f 300.-
(driehonderd gulden) 's jaars, bedoeld in artikel 13 van hoogervermeld "Besluit op de Indische Bestuursopleiding
-1922-

(Pagina 2)

1922", welke toelage door hem zal kunnen Worden genoten gedurende zijn verderen studietijd doch gedurende ten hoogste vijf jaren, met dien verstande, dat het genot dier toelage afhankelijk is van goed gedrag, ijver en vorder- ingen ter beoordeling van den Minister van Koloniën;
dat de uitbetaling van deze toelage maandelijks zal geschieden aan het einde van elke kalendermaand door over- schrijving op zijn postgirorekening;
dat de toelage zal worden ingehouden gedurende des tijd, dat hij aan zijne militaire verplichtingen voldoet (waarvan mededeeling moet worden gedaan aan het Departement van Koloniën, Commissariaat voor Indische Zaken, Afdeling B Eerste Bureau), uitgezonderd in het geval, dat de opkomst onder de wapenen slechts voor enkele weken of in de vacantie geschiedt;
dat hij gehouden is van een mogelijke adresverandering aanstonds kennis te geven aan de vorengemelde Afdeeling van het Commissariaat voor Indische Zaken;
dat hij het candidaats- en het doctoraal-examen der Indologische studie onderscheidenlijk binnen twee en binnen vijf jaren na het tijdstip van ingang der aanwijzing zal hebben af te leggen, zullende -behoudens buitengewone omstandigheden, ter beoordeeling van den Minister van Koloniën- de uitbetaling van de studietoelage worden ge-staakt, indien, wat het candidaatsexamen aangaat, niet aan dien eisch is voldaan en eerst weder worden voortgezet, nadat dat examen met gunstig gevolg door hem is afgelegd;
dat hij van het afleggen van een tentamen of van een examen onmiddellijk kennis zal hebben te geven aan de Afdeeling B, Eerste Bureau van het Commissariaat voornoemd;
dat hij gehouden is zich uitsluitend te bepalen tot de voorgeschreven studie;
dat hij zich zonder vergunning van den Minister van
-Koloniën-


(Pagina 3)

Koloniën niet langer dan drie maanden achtereen buiten Europa mag begeven;
dat hij verplicht is voor 1 November van elk college-jaar een bewijs van inschrijving aan de universiteit aan de evenbedoelde Afdeeling ter inzage te zenden;
dat de college- en inschrijvingsgelden voor zijn rekening komen;
dat hij zich om de twee jaar aan een door den Geneeskundigen Raad van het Departement van Koloniën in te stellen geneeskundig onderzoek zal hebben te onderwerpen, waartoe hij door dien Raad zal worden opgeroepen;
dat hij gedurende zijn studietijd onder toezicht staat van den Raadsman voor Studeerenden, den heer O.M. Goedhart (adres; Ministerie van Koloniën), in verband waarmede hij alle door dien Raadsman gevraagde inlichtingen naar behooren zal hebben te verstrekken en de door dezen gegeven wenken en aanwijzingen, in het belang van zijn studie en van zijn gedrag, zal hebben op te volgen;
30. enz.

's-Gravenhage, den 22 November 1937

De Minister van Koloniën,
Voor den Minister
De Gecommitteerde voor Indische Zaken,


Handtekening


Een ieder die aanvullende informatie over dit onderwerp weet wordt van harte uitgenodigd die wetenschap met ons te delen: laurens@swarte.nl

Zwarte lijn
Home - Stamboom - Herkomst - Familiewapen - Tijdlijn - Contact